Ringmaten volgens de NBVV

▪  Forpus conspicillatus | Oogring dwergpapegaai | 4,0 mm

▪  Forpus cyanopygius | Mexicaanse dwergpapegaai | 4,3 mm

▪  Forpus xanthopterigius | Blauwvleugel dwergpapegaai | 4,0 mm

▪  Forpus coelestis | Grijsrug dwergpapegaai | 4,3 mm

▪  Forpus xanthops | Geelmasker dwergpapegaai | 4,3 of 4,5 mm

▪  Forpus passerinus | Groenstuit dwergpapegaai | 4,0 mm

▪  Foprus scalteri | Sclaters dwergpapegaai | 4,0 mm 

Ringen

De jongen kunnen we ringen zodra de veerpennen beginnen te groeien en de ogen net open beginnen te gaan. Meestal is dat na ongeveer een week. Voor het bepalen welke ringmaat er gebruikt moet worden kun je het beste hierboven even checken. Nog geen ringen? Informeer dan even bij de Ringencommissaris van de vogelvereniging waarbij je lid bent.

                                                                                                                   

Een Forpus heeft 4 tenen. Twee voor, en twee achter. Zoals je op de afbeelding kunt zien moet je daar bij het ringen rekening mee houden. Buig de 2 voortenen naar voren en de 2 achtertenen naar achter en pas daarna voorzichtig de ring er omheen schuiven. Iedere andere methode zal het pootje beschadigen (of erger). Het zal de eerste keer wat moeite kosten, maar na wat oefening heb je al snel de slag te pakken.

Overigens zijn er ook kwekers die de 3 langste tenen naar voren buigen en de kortste teen naar achteren. Dit is een methode welke ook prima werkt. Toch levert deze methode wel wat problemen op wanneer de jongen wat dikkere poten hebben of wanneer je net wat te laat probeert te ringen. Dan is de methode met 2 voor en 2 achter wellicht een goede oplossing.

Nogmaals en wellicht ten overvloede: Doe het voorzichtig. Gebruik NIET teveel kracht. We willen de tenen er niet af trekken…

Verder kan het handig zijn om ook eens op de site van de NBvV te kijken.